Het avi-systeem dat gehanteerd wordt als maatstaf voor de leesvaardigheid van kinderen en de moeilijkheidsgraad van kinderboeken is vernieuwd.
AVI staat voor Analyse voor Individualiseringsnormen en is een praktisch hulpmiddel bij het zoeken naar een boek dat het beste aansluit bij het leesniveau van een kind. Zo weet je altijd welke boeken een kind goed kan lezen en welke te makkelijk of nog te hoog gegrepen zijn.
Om de leesvaardigheid en de moeilijkheidsgraad nog beter op elkaar af te stemmen is de bestaande avi-indeling opnieuw onder de loep genomen. Een nieuwe indeling die aansluit bij de groepen in het basisonderwijs is het resultaat.
Nieuwe avi-indeling De nieuwe avi-indeling heeft twaalf niveaus. Deze zijn gekoppeld aan de groepen in het basisonderwijs. avi-M3 geeft bijvoorbeeld het leesniveau aan van de gemiddelde leerling halverwege groep 3 (de M staat voor Midden) en avi-E3 het leesniveau van de gemiddelde leerling eind groep 3 (de E staat voor Eind).
Avi in de bibliotheek In de bibliotheek gaan kinderen op zoek naar boeken die het beste aansluiten bij hun avi-niveau. De boekjes voor het Aanvankelijk Lezen zijn makkelijk te herkennen aan de letter E (van Eerste leesboekjes) en de avi-code op het rugetiket.
| avi-S (start, begin groep 3) |
1 |
| avi-M3 (midden groep 3) |
2 |
| avi-E3 (eind groep 3) |
3 |
| avi-M4 (midden groep 4) |
4 |
| avi-E4 (eind groep 4) |
5 |
| avi-M5 (midden groep 5) |
6 |
Er is geen een-op-een relatie tussen avi-nieuw en avi-oud. Bij avi-nieuw kunnen boeken op twee of drie moeilijkheidsniveaus van avi-oud passen.
|